Waaruit bestaat een wasmiddel?

Om goed te kunnen werken, bestaat een wasmiddel uit verschillende componenten met elk hun eigen functie. Deze zorgen ervoor dat vuil wordt losgeweekt en afgevoerd kan worden. Hieronder volgt een korte uitleg over een aantal belangrijke ingrediënten.

Oppervlakteactieve stoffen
Water alleen is niet voldoende. Water heeft een hoge oppervlakte spanning kan daardoor niet goed vuil verwijderen, bovendien kan het ook niet diep de vezel in om vuil te verwijderen, iets wat we bij het wassen van luiers wel graag willen! Daarom zijn de oppervlakteactieve stoffen nodig. De werking van oppervlakte spanning is makkelijk uit te leggen; laat maar eens een druppeltje water op een stukje stof vallen. Meestal moet je een beetje wrijven voor het water de vezel binnen dringt. Oppervlakteactieve stoffen bestaan uit twee onderdelen. Een kop die van water houdt (hydrofiel) en een staart die water afstoot (hydrofoob). De stof zorgt ervoor dat de spanning van het wateroppervlak wordt verlaagd. Het water kan daardoor goed de vezel binnen dringen om die schoon te maken. Oppervlakteactieve stoffen zorgen er niet alleen voor dat het water zijn werk beter kan doen, ze voeren zelf ook al vuildeeltjes af en zorgen ervoor dat deze niet weer neerslaan in het wasgoed, de vuildeeltjes worden als het ware “ingekapseld”. Het is wettelijk verplicht dat oppervlakteactieve stoffen biologisch afbreekbaar zijn zodat ze niet belastend zijn voor milieu. Oppervlakte actieve stoffen worden ook wel de was actieve stoffen genoemd. De oppervlakteactieve stoffen zijn essentieel voor een wasmiddel. Sommige speciale luierwasmiddelen bezitten geen, of heel weinig oppervlakte actieve stoffen. Dan staat het onderaan de ingrediëntenlijst. Anionische oppervlakte actieve stoffen zitten meestal tussen de 5 en 15%, en soms zelfs tot 30%, niet-ionische oppervlakte actieve stoffen zit meestal op een percentage van minder dan 5%. Bevat een wasmiddel van beide soorten minder dan 5%? Dan heb je te maken met een zwak wasmiddel.

Er zijn wasmiddelen die oppervlakte actieve stoffen hebben op plantaardige basis, en op minerale basis. De laatste zijn synthetisch. Beide hebben voor en nadelen. Wasmiddel met een minerale basis werkt vaak al beter op een lagere temperatuur, terwijl een wasmiddel op plantaardige basis optimaler werkt op een hoge temperatuur. Veel ecologische wasmiddelen zijn op plantaardige basis, zoals Ecover, maar ook Ariel Sensitive is op plantaardige basis. Met een wasmiddel op minerale basis kan je dus makkelijker op een lage temperatuur wassen, zonder dat je concessie moet doen op hoe schoon de was wordt, maar de oppervlakte actieve stoffen zijn waarschijnlijk iets moeilijker af te breken in het milieu. Een middel op plantaardige basis heeft dit niet, maar heet wassen kost weer meer energie. Je moet dus zelf een afweging maken mocht het ecologische aspect zwaar wegen.

Waterontharders
Waterontharders zijn belangrijk in wasmiddel. Als er teveel calcium in het water zit, kan het wasmiddel zijn werk namelijk niet goed doen. Bovendien kunnen mineralen zich ook opbouwen in het wasgoed. Dit veroorzaakt grauwheid en versnelde slijtage. Voorbeelden van waterontharders zijn soda (zowel carbonaat als bicarbonaat), zeolieten en citroenzuur.

Fosfonaten
Fosfonaten zijn waterontharders, in tegenstelling tot fosfaten zijn fosfonaten minder slecht voor het milieu. Er wordt minder dan 1% van gebruikt in wasmiddelen. Fosfonaten voorkomen het neerslaan van calciumzouten en het ophopen van ketelsteen.

Enzymen
Enzymen helpen om vlekken en vuil te verwijderen. Een uitgebreidere uitleg vind je hier.

Zuurstofbleek
In sommig wasmiddel zit zuurstofbleek. Pure zuurstofbleek (sodium percarbonaat) werkt pas bij een temperatuur van 60 graden. Daarom zit er in wasmiddel een zogenaamde “bleekactivator”. Dit zorgt ervoor dat de zuurstofbleek ook bij een lagere temperatuur zijn werk al doet. Gebruik je dus pure sodium percarbonaat was dan heet!